Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aan tafel mocht poedel Nettie op een eigen stoeltje

naast zijn meesteres zitten. Hij had zijn eigen melkbakje, zijn eigen bordje en mocht van den vork van de verliefde Amalia de fijnste brokjes happen. Na het ontbijt werd er een half uur door het dorp gewandeld, meestal rond den tijd, dat de jongens en meisjes naar school gingen. Overdag — juffrouw Amalia was naaister — mocht Nettie op de treeplank van de trapmachine liggen en van tijd tot tijd de ver¬

moeide voeten van zijn meesteres likken.

Het middageten verliep zooals de overige maaltijden. Nettie kreeg echter altijd zijn eigen lievelingskostje, dat speciaal voor hem in de slagerij werd bereid. "Wanneer juffrouw Amalia-Zikalia des namiddags naar haar klanten ging, dan mocht Nettie in den hemelsblauwen kinderwagen een wandelritje maken. Dan was hij heelemaal onder witte dekentjes en kussens bedolven en alleen zijn verstandig snoetje keek uit de zachte omhulling. Nettie beschouwde zichzelf dan als een sprookjesprins, die midden door zijn rijk van melk en honing rijdt. En overal, waar het prinselijk hondenrijtuig voorbijkwam, liet het een geur van viooltjes en rozen na, die door Nettie en

....Aan tafel mocht Nettie op een eigen stoeltje zitten.

Sluiten