Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op zoo'n wagen zitten en keek met een heerschenden blik de kamer rond.

Doch eensklaps gaf Ella hem een geduchten slag, waardoor hij plotseling uit zijn droom ontwaakte en haar door de kamer achterna vloog. Er volgde nu een ware jacht tusschen broertje en zusje; Frits boos, Ella lachend, schaterend. Ze konden elkaar maar niet krijgen. Mevrouw had er pleizier in en lachte luid. Door Nanny's binnenkomst werd de jacht gestoord; Frits gaf Ella een kneepje in den arm, en de verzoening vond plaats. Vroolijk en vlug spoedde zich het drietal nu naar buiten, naar den tuin van Mevrouw Knozee.

Daar stond een half voltooide sneeuwpop, en zij hadden druk werk om die nog vóór koffietijd af te maken.

Frits, zich, als een jongen, grooter en sterker voelend dan de meisjes, droeg de sneeuw aan, terwijl Nanny en Ella druk aan het kneden en rollen waren.

De pop stond vlak tegenover het raam der moeder, die er met aandacht naar lag te kijken en van tijd tot tijd tegen het raam tikte, om door een handgebaar te kennen te geven dat zij haar heel mooi vond.

Dan straalde het drietal van pleizier en bouwde vol moed verder aan den man, wiens hoofd hun zooveel moeite kostte, daar het telkens weer van den romp afviel. Toch gelukte het hun, en toen de klok twaalf sloeg, stond daar een prachtige sneeuwman, met een pijp in den mond, pikzwarte krentenoogen en een stroohoed scheef op het hoofd. Het was waarlijk zooals Frits vol trots zeide: „precies een heusche man!"

Sluiten