Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sneeuw weggesmolten. In den tuin van Huize „Kus en op koude, hooge plekken hier en daar waren nog kleine witte plekjes als laatste rest gebleven, maar verder was alles ontdaan van den witten tooi; zwartbruin en modderig lag de heide. En een bleeke zon, die laag aan grijzen, wazigen hemel stond, wierp haar matte stralen

stil over Doorle uit.

Nicht Bertha was gekomen. Mevrouw Knozee en F rits

waren gekomen.

„Wat jammer, dat het nu geen witte Kerstmis is!

zei Nanny spijtig, terwijl ze 's morgens met Ella en Frits

de modderige oprijlaan afging naar de school, om de

laatste toebereidselen te maken voor den avond.

Ella en Frits vonden het ook jammer, maar veel

tijd tot praten of rondkijken hadden ze geen van

drieën, in beslag genomen als ze waren door het dragen

van mandjes en pakjes en het voorzichtig loopen, het

oppassen om niet uit te glijden op den slibbengen,

dalenden weg. m

„H'm, 't zal aan 't feest toch wel niets afdoen! zei

na een poosje Frits.

En dat deed het niet. Het was een blij, een schitterend

feest, dat bij alle groote en kleine Dooriers nog lang

in mooie herinnering bleef. Het schoollokaal was zoo

opgesierd, dat het niet meer herkenbaar was. Langs

de witte muren hingen slingers van sparregroen, in 't

midden prijkte hoog de boom vol lichtjes, schitterende

goud- en zilverpapieren sterren, slingers en een engeltje

Sluiten