Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de anderen zich reeds in groepjes verwijderd hadden en alleen Frits daar nog stond, ook onder den indruk over het weggaan van zij'n zusje.

Samen, ieder in eigen gedachten verdiept, gingen ze toen naar huis.

,,'t Zal wel verbazend saai zijn," zei hij, na lang zwijgen; „Ella weg en nu jij ook al naar een Conservatorium; 't zal stil zijn, hoor!"

„Maar Frits, ik ga toch pas na Paschen, dan is Ella bijna weer terug; en ik zal heel dikwijls overkomen, alle veertien dagen; voor jullie zal dat toch werkelijk zoo'n verschil niet maken, we zien elkaar nu toch ook niet meer dan om de veertien dagen."

„Ja, dat is wel waar, en het is ook heerlijk voor je, om naar het Conservatorium te gaan, want je zult het er zeker ver brengen!" zei hij, hartelijker, maar toch nog stroef, 's Middags ging ook hij weer terug naar zijn studiestad. Nanny bleef nog een paar dagen bij Mevrouw Knozee, om haar een weinig te vergoeden de stilte van Ella's vertrek. Van kind af had Nanny al zooveel gehouden van Ella's lijdende, zacht-lieve moeder, die behoorde tot die menschen die, door een zwak, ziekelijk gestel tot veel rust en alléén-zijn gedwongen, leven voor hun ziel alleen. En het waren een paar heel-rustige, stil-vriendelijke dagen, die zij bij haar doorbracht. Van die kalme dagen, waarvan Nanny hield.

Daarna reisde ze naar Doorle terug.

Sluiten