Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kinderen weer bezoeken, doch hij vond anders niemand als zijn dochter. „Lief kind" sprak hij „waar zijn uw broeders".

„Ivieve vader" sprak zij, ,,die hebben mij alleen hier gelaten en zijn allen weg". Zij vertelde hem nu hoe zij uit haar venster had gezien, dat zij als zwanen waren weggevlogen en liet hem de veeren zien, die zij in den hof hadden achtergelaten.

De koning was zeer bedroefd en daar hij bang was dat zijn dochtertje hem ook ontroofd zoude worden, wilde hij haar met zich nemen. Hij kon niet denken dat de snoode stiefmoeder hier haar hand in het spel had. Het kind was echter bevreesd voor de stiefmoeder en vroeg haar vader haar nog een nacht in het slot te laten. Zij had echter het plan opgevat haar broeders te gaan zoeken. Toen den nacht was aangebroken vluchtte zij uit het slot en ging rechtuit het woud in. Den nacht en volgenden dag liep zij aan een stuk door het woud, totdat zij van vermoeienis niet verder kon. Zij zag een jachthut staan en trad daar binnen. Zij vond er een kamer met zes kleine bedjes. Zij vertrouwde zich niet in een er van te gaan liggen, kroop onder een en lei zich op de harden vloer om zoo den nacht door te brengen. Toen de zon bijna was ondergegaan, hoorde zij een geruisch en gevladder en zes witte zwanen kwamen het venster binnenvliegen. Ze zetten zich op den vloer en bliezen elkander alle veeren van het lijf totdat hun zwanen vacht verdween, en het meisje,

Sluiten