Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goed begrijpt en ze vlot kunt voorlezen, mag je er, als je weer naar huis gaat, een uitkiezen."

„Heerlijk! Dan begin ik terstond. Waar zijn ze? Geeft u mij maar gauw wat u zelf 't mooist vindt!" riep Dirk vol ijver uit.

„Neen; nu is het te laat. 't Is aanstonds tijd om naar bed te gaan. Maar kom morgen na 't ontbijt op mijn kamer; dan zullen we zien," beloofde tante.

En van den volgenden morgen af werd er iederen dag een poos door ons baasje gelezen, en al gauw kwam ook het schrijven en het rekenen aan de beurt. Toen was het met Dirks verveling gedaan, en een paar keer in de week schreef hij met potlood een brief naar huis.

Dat was een groote voldoening! En wat was Dirk in zijn schik, toen zijn moeder hem schreef, hoe blij ze allen met zijn briefjes waren!

Johanna en Frits hadden na de mazelen ook nog den kinkhoest gekregen, en zij hadden soms erg benauwde buien gehad; maar eindelijk waren ze toch weer beter. De dokter had gezegd, dat zij over drie dagen weer uit mochten, eerst eventjes maar natuurlijk, maar dan iederen dag wat langer.

Maar och, och, wat gebeurde er?

Het weer was zoo lang mooi geweest, wel koud, maar zonnig en vroolijk, en daar begon het me juist toen de kinderen voor 't eerst uit zouden gaan, geducht te sneeuwen! En daarbij waaide er zoo'n gure, koude, doordringende wind, dat zelfs een gezond en sterk mensch rilde, zoodra hij het puntje van zijn neus maar even buiten de deur stak. Neen, zoo konden Johanna en Fritsje niet uit!

Hoe jammer toch! De kleuters hadden er zich zoo op verheugd. Ze schreiden en waren zoo lastig, dat mama haast geen raad met hen wist!

Als Dirk nu maar weer thuis was! Maar zij had juist aan Dirk geschreven, dat hij Sint-Nicolaas wel mocht overblijven in de stad! 't Zou zoo aardig voor hem zijn, als hij al die mooie winkels en die drukte in de straten eens zag. Hij was er nu toch, en die gelegenheid kwam niet zoo gauw weer, en grootma, oom

Sluiten