Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

domme, stompe schepsels, die het niet kan schelen hoe het met hen gaat, die lauwe, dronken schepsels bekreunen zich om niets en zijn gemakkelijk te houden, want zij schijnen er vermaak in te scheppen, dat zij zoo worden rondgeleid; maar zulken als hij hebben er een afkeer van als van de zonde. Geen beter middel dan hen te boeien; pas de beenen, zij zullen zoo wel goedziin dunkt mij."

„Wel, zeide de smid, terwijl hij onder zijn gereedschap rondzocht, „die plantages daar beneden zijn ook al de beste plaatsen niet om een neger uit Kentucky heen te zenden; zij sterven daar bijna allen, is het niet waar, vreemdeling?"

„Ja, zij sterven er bijna allen door het klimaat en verscheidene andere omstandigheden, waardoor de marktprijs op een betamelijke hoogte wordt gehouden," antwoordde Haley.

„Nu, het kan niet anders of men moet medelijden gevoelen met iemand als onzen Oom Tom, die men verkoopt om op een van die suiker-plantages te laten sterven."

„Ja, maar hij heeft nogal een goede kans. Ik heb moeten beloven, goed voor hem te zullen zorgen. Ik zal hem als huisknecht aan de eene of andere goede familie zien te verkoopen, en wanneer hij dan maar de koorts en het klimaat kan doorstaan, zal hij een leven hebben zooals een neger niet beter begeeren kan."

„Doch hij heeft vrouw en kinderen daar achter moeten laten, denk ik?" "

„Ja, maar hij zal wel een andere vrouw weten te vinden. Er zijn immers overal vrouwen genoeg," was Haley's antwoord.

Oom Tom zat treurig buiten den smidswinkel, terwijl dit gesprek daar binnen werd gevoerd. Plotseling hoorde hij achter zich het haastige getrappel van een paard, en voor dat hij zich van zijn verbazing kon herstellen, sprong

Sluiten