Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

men uit New-York had doen komen, en dat zij één zijden kleed had, 't welk zeer goed rechtop kon staan, zonder dat de eigenares het aan had. Ook liepen er geloofwaardige geruchten van een geborduurden en met kant omzoomden zakdoek; zelfs werd er bij gevoegd, dat hij op de hoeken bewerkt was; maar dit laatste werd nooit voldoende bevestigd en is tot heden toe nog onbeslist.

Juffrouw Ophelia, gelijk gij haar daar nu ziet, staat voor u in een keurig bruin reisgewaad, rijzig, recht en hoekig. Haar gelaat is smal, met scherpe lijnen geteekend, haar lippen zijn op elkander gedrukt als die van iemand gewoon om met vastheid te handelen, terwijl de levendige, donkere oogen een bizonder zoekenden blik hebben en en over alle voorwerpen heen dwalen om iets te vinden, dat nog verzorging behoeft.

Al haar bewegingen waren flink en krachtig, en daar zij geen vriendin van veel spreken was waren haar woorden kort, beslissend en op den man af.

In haar dagelijksche leefwijze was zij het volkomen beeld van orde, nauwkeurigheid en stiptheid. In regelmatigheid evenaarde zij een klok, en onverbiddelijk was zij als een spoortrein, terwijl zij met kennelijke verachting en afkeer alles beschouwde wat hiermede in strijd was.

De grootste der zonden, de hoofdsom van alle kwalen naar haar wijze van zien, werd omschreven door een enkel, zeer gewoon doch belangrijk woord: „zorgeloosheid." Haar sterkste ontboezeming van verachting bestond in het met vuur uitspreken van het woord „zorgeloos" en hierdoor kenmerkte zij iedere wijze van handelen, die niet onmiddellijk in betrekking stond tot de vervulling van het een of ander voorgenomen plan. Menschen, die niets deden, of niet nauwkeurig en bepaald wisten wat zij wilden doen, of den kortsten weg niet insloegen tot de vervulling van de opgenomen taak — zij waren de voorwerpen van haar volle verachting, welke zij minder be-

Sluiten