Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Je verlangdet van mij, dat ik haar het rechte pad zou leeren kennen, en je behoordet dus te bedenken, dat zij een redelijk schepsel is, en tevens welk een invloed je op haar hebt."

„Och, helaas ja, dat behoorde ik te doen; maar 't gaat mij evenals Topsy zegt: „Ik ben zoo ondeugend."

Gedurende een paar jaar ging Topsy's opleiding op bijna dezelfde wijze voort. Juffrouw Ophelia sloofde zich dag in dag uit met haar af en beschouwde haar als een geregeld terugkeerende plaag, aan welks kwellingen zij mettertijd zoo gewoon werd, als sommige menschen aan hoofd- en aangezichtspijn.

St. Clare vond in het kind hetzelfde vermaak, dat een man heeft aan een praatzieken papegaai of een jachthond. Topsy zocht altijd bescherming achter zijn stoel, wanneer zij zich door haar ondeugende guitenstreken de ongenade van juffrouw Ophelia op den hals had gehaald, en het gelukte St. Clare steeds om haar op de een of andere wijze verschooning en rust te verschaffen. Menigen stuiver ontving zij van hem tot zakgeld, die zij dan aan noten en kandij besteedde, welke snoeperijen zij met zorgelooze edelmoedigheid onder al de overige kinderen van het huis ronddeelde, want wij moeten om de waarheid hulde te doen, zeggen, dat Topsy goedhartig en mild van aard en alleen dan nijdig was, wanneer zelfverdediging haar daartoe noodzaakte.

HOOFDSTUK XII.

KENTUCKY.

Waarschijnlijk zult ge, waarde lezer, voor een korte poos wel een blik willen terugwerpen in Oom Toms hut

Sluiten