Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dier is zoo vurig, en daarvan komt het, dat het vuil is; ik heb gezien hoe hij het geroskamd heeft."

„Houd je mond totdat men je iets vraagt," duwde Henrique hem toe, zich op zijn hielen ronddraaiend, terwijl hij vervolgens de trap opklom en met Eva begon te praten, die in baar rijkleed stond te wachten.

„Lieve nicht het spijt mij, dat die lompe jongen oorzaak is dat gij moet wachten," zeide hij. „Laat ons hier op deze bank gaan zitten, totdat hij terugkomt. Maar wat scheelt je Eva? Je kijkt zoo treurig!"

„Hoe kan je toch zoo wreed en zoo goddeloos jegens den armen Dodo zijn?" vroeg zij half verwijtend.

„Wreed? Goddeloos?" vroeg de knaap met ongeveinsde verbazing. „Wat meen je daarmee, lieve Eva?"

„Ik wil niet dat je mij lieve Eva noemt, wanneer je zoo handelt," antwoordde het meisje.

„Maar, lieve nicht, je kent dien Dodo niet; men moet wel zoo met hem handelen, want hij zit vol leugens en streken. Dit is het eenige middel om hem tot zwijgen te brengen en in bedwang te houden; papa gaat altijd zoo te werk."

„Maar Oom Tom zeide immers, dat het een ongeluk was, en die zegt nooit anders dan de waarheid."

„Dan is die oude neger al een buitengewoon schepsel," zeide Henrique. „Dodo liegt altijd."

„Je dwingt hem er toe om je te bedriegen, wanneer je altijd op deze wijze met hem handelt."

„Wel, Eva, je schijnt waarlijk zoo veel belang in Dodo te stellen, dat ik bijna jaloersch op hem zou worden."

„Maar je hebt hem geslagen, en dat had hij niet verdiend."

„Nu dan is het goed voor een volgenden keer, als hij het wel verdient en niet krijgt. Een paar zweepslagen komen bij Dodo nimmer te onpas; hij is een stijfkop, dat verzeker ik je. Maar ik beloof je, dat ik hem niet weer zal straffen in je tegenwoordigheid, als je dat hindert."

Sluiten