Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naamd niets van de zaak wist; dat de man bij een openlijke veiling was verkocht, en dat hij verder niets van deze aangelegenheid had vernomen, dan dat hij het geld, door de slaven opgebracht, had ontvangen.

Noch George, noch mevrouw Shelby konden zich met dezen uitslag tevreden stellen, en dus besloot de eerste, die voor zijn moeder eenige zaken te doen had de rivier af, om in persoon New-Orieans te gaan bezoeken, zijn nasporingen omtrent Tom voort te zetten in de hoop te ontdekken, waar deze zich bevond, ten einde hem terug

te kunnen koopen.

Na eenige maanden met vruchteloos zoeken doorgebracht te hebben, kwam George door een schijnbaar toeval te New-Orleans in kennis met een man, die hem de zoo lang gewenschte inlichting geven kon, en met een voldoende som in zijn zak nam hij nu plaats op de stoomboot van de Roode Rivier, vast besloten om zijn vriend te zoeken en te bevrijden.

Hij werd weldra het huis binnengeleid, waar hij Legree in zijn woonkamer vond zitten.

Legree ontving den vreemdeling met een soort van

ruwe gastvrijheid.

„Ik meen te weten." zeide de jonge man, „dat gij voor eenigen tijd te New-Orleans een slaaf, Tom genaamd, hebt gekocht. Hij heeft vroeger op de goederen van mijn vader gediend, en ik kom u vragen, of gij geneigd zijt, hem weder aan mij te verkoopen."

Legree trok zijn wenkbrauwen dreigend samen en antwoordde driftig: „Ja, ik heb hem gekocht. Hij is het oproerigste, het koppigste en onhandelbaarste schepsel, dat ik ooit van mijn leven gekend of gezien heb. Hij spoort mijn negers aan tot ontvluchten, en zoo zijn mij dan ook twee vrouwen ontsnapt, die ieder achthonderd of duizend dollars waard waren. Hij bekende dit; maar toen ik hem beval om mij te zeggen waar zij zich op-

Sluiten