Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in den beginne der zwangerschap optreedt, dan heeft men de ziekte uitsluitend als eene toxikose op te vatten.

Dat bij de haematurie beide nieren niet gelijkelijk deelen in de schade, haar door de zwangerschap toegebracht, is hieruit wel duidelijk, maar als ik even vooruit mag loopen op de opmerkingen waartoe mijn onderzoek aanleiding geeft, dan kan ik zeggen, dat het cystoscopisch beeld van de blaashals en de ureter-mondingen bij gravidae doet zien meest sterke vaatinjectie, soms doorschemerende dikke uitgezette venae, soms kleine bloedingen in het slijmvlies en dat zoo'n slijmvlies voor zoover te zien (en vermoedelijk dus ook van ureter en pyelum wat niet te zien is) wel heel licht bloedend is. Enkelzijdige ureterbloeding behoeft dus nog niet noodzakelijk eene nierbloeding te zijn en kan ook wel eens gelijk staan met bloeding uit een varix.

Dat de varices in het algemeen tot de toxikosen gerekend mogen worden, maakt, dat wij de haematurie in zulke gevallen dus ook als toxikose mogen beschouwen, maar dan toch slechts secundair ervan afhankelijk. Klein blijvende ulcera in de blaas zijn door verschillende schrijvers als oorzaak voor haematurie genoemd x). Mogelijk zijn dit wel de slijmvlies defecten, achterblijvende na de kleine bloedingen waartoe het bij de blaashals zoo licht komt (zie No. 8, 11, 13, van de onderzochte gevallen.)

En ten slotte renale bloeding als complicatie van nephritis. Houdt de graviditeit op, dan eindigt ook het bloeden en deze complicatie is dus een gevolg van de graviditeit.

b. Glycosurie, vaak in de graviditeit voorkomende. Door Des Bouvrie in 40 % gevonden.

c. Pyelitis of pyelonephritis, waarbij in de urine gevonden worden leucocyten met gekartelde randen, weinig, doch grootendeels vernielde chromocyten en nierbekken epithelien in grootere lappen. Pyelitis komt rechts vaker voor dan links.

!) N. W. Bournan, Haematurie in graviditate, Diss., Amsterdam 1901.

2

Sluiten