Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dat de pyelitis veelal snel na de partus geneest, dat de pyelitis in de graviditeit luistert naar dezelfde behandeling als de zwangerschapsnier namelijk bedrust en melkdieet, dat de pyelitis dikwijls dubbelzijdig voorkomt en dat de teekenen van infectie van het nierbekken soms ontbreken, mag te denken geven, doch hierover straks nader. Geheel terzijde laten wij natuurlijk die pyelitis, welke niet het gevolg is van de graviditeit zooals b.v. gevallen als voorkomen in de publicatie van Kouwer 1), die onder No. II beschrijft eene verergering door de graviditeit van eene enkelzijdige niertuberculose.

d. Zwangerschapsnier. Daarbij vinden wij constant: de hoeveelheid urine verminderd met hoog S.G. en donkere kleur. Soms geen eiwit en indien wel, de hoeveelheid toenemende. In ongeveer J/4 der gevallen cylinders en verder leucocyten en vervette epitheelcellen. Geen roode bloedlichaampjes. Veelal wel retentie van chloornatrium. In zware gevallen ook bloedkleurstof (Bumm) 2).

Anatomisch zegt men te vinden: korrelige zwelling en vettige infiltratie van de epitheelcellen, vooral van de tubuli contorti en de glomeruli, met intact blijven van het interstitieele weefsel. Anderen drukken de anatomische verschijnselen aldus uit: Troebele zwelling en vettige degeneratie van het protoplasma van het epitheel van glomeruli en tubuli contorti, de verschijnselen dus, die wij bij vergiftigingen van verschillende soort in de nieren waarnemen. Volgens Aschoff3) vindt men in hoofdzaak, soms uitsluitend ontaarding der tubuli, terwijl die der glomeruli op den achtergrond treedt of geheel kan ontbreken.

Prym 4) heeft ook lipoïde degeneratie in gevallen van zwangerschapsnier gevonden.

!) B. J. Kouwer, Pyelonephritis en zwangerschap, Ned. Tijdschr. v. Gen., 1904 II, blz. 539.

2) E. Bumm, Grundriss z. Studium der Geburtshilfe, 1919.

3) Aschoff, Pathologische anatomie II, 1919.

4) Prym, Lokalisation des Fettes im System der Harnkanalchen. Frankf. Zeitsch., 1910, bd. 5.

Sluiten