Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weinig glanzend, korrelig oppervlak, de doorsnede niet geel, doch donker. Nieren normaal, bijnieren donkerrood, testikels hyperaemisch; milt korrelig van oppervlak, weinig glanzend, broos. Longen en hart normaal, geen vocht in de pleuraholten. Culturen uit hart, lever, milt en nier steriel.

Cavia 116. 18 Maart. Gew. 250 gr. Temp. 36,5; 4 c.c. als boven intrap. 2 uur na de inspuiting temp. 35° C., 4 uur later 35,5. Zeer ziek, 19 Maart doodgevonden, sectie: plaats van inspuiting normaal, onderhuidsch weefsel zeer vochtig, lymphklieren in oksels en liezen donkerrood, doch niet gezwollen. Vrij veel licht troebel vocht in de buikholte. Op de lever enkele losse beslagen, darmen glanzend, bovenste gedeelte van den dunnen darm licht roze. Milt opvallend bleek-roze, korrelig en mat van oppervlak, broos; nieren normaal, bijnieren donkerrood, testikels, hart en longen normaal. Alle culturen uit hart, milt, nier en lever steriel.

Cavia 118. 19 Maart Gew. 250 gr. 2 c. c. als boven subcutaan. 20 Maart lichte deegachtige zwelling op de injectieplaats. Temp. 37. Na eenige dagen verdwijnt de zwelling.

Cavia 171. 30 April Gew. 250 gr. 1 c.c. eener suspensie van een 18 uur-oude agarcultuur in zoutoplossing, subcutaan. Sectie als cavia 57. Demonstratie te Utrecht.

Cavia 181. 6 Mei. Gew. 250 gr. 1 c.c. gewassclien gedoodde vibrionen (zie duif 179) subc. 7 Mei geen spoor zwelling.

Duif 41. wit. 5 Febr. 1920, volwassen. In de borstspier 0,2 c.c eener 18 uur-oude cultuur op agar, afgespoeld met zoutoplossing. Is eenige uren later ziek, en wordt den volgenden morgen doodgevonden. Sectie 6 Februari: Uit den anus loopt wat groene ontlasting waarin enkel vibrionen (strijkpreparaat). Plaats van inspuiting sterk gezwollen; hier en daar is de huid zelfs in blazen opgelicht. In het vocht van deze blazen zijn vibrionen in reincultuur aanwezig. Spierweefsel om de

Sluiten