Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te-vroeg-geborenen wordt gezien. Na een lang voortgezette, uitsluitende melkvoeding treedt een daling van het haemo globinegehalte en het aantal roode bloedlichaampjes op.

Vele schrijvers schromen, vooral ook met het oog op de gunstige uitwerking van voedsel verandering (melkbeperking, toediening van groenten en vruchten) dan ook niet om van alimentaire anaemie te spreken. Over de eigenlijke oorzaak dezer anaemiën is men het echter nog niet eens. Zoowel aan ijzergebrek, constitutioneele minderwaardigheid der bloedvormende organen, tekort aan bouwsteenen van het haemoglobinemolecuul, als aan een verhoogde bloedafbraak door toxische stoffen in de melk wordt gedacht (vergel. bv. L. F. meyer en JAPHA ').

Daarnaast wijs ik op de anaemie die tijdens de oorlogsjaren in Duitschland en Oostenrijk nu en dan bij lijders aan de „oedeemziekte" is aangetroffen.

De kleurindex bleek hierbij gewoonlijk hoog te zijn, waarbij er aan herinnerd mag worden, dat bij niet-zieke personen in dezen tijd dikwijls hooge haemoglobinewaarden met lichte vermeerdering der roode bloedlichaampjes (gemeenlijk door bloedindikking verklaard) werden waargenomen. Ook hier is naar de meening van velen eenzijdige voeding met daardoor optredende hydraemie als oorzakelijk moment van beteekenis

(W. Jansen2), Bürger3).

Het belang van de samenscelling van het voedsel voor de nieuwvorming van het bloed, blijkt ten slotte ook nog eens uit de recente, nauwkeurige onderzoekingen van whipple, hooper en robscheit 4). Honden verloren door een canule in de v. jugularis de helft van hun bloed. De tijd noodig

') Deutsche Medizin. Wochenschrift, 1919.

2) München. Medizin. Wochenschrift, 1918; D. Archiv. f. klinische Medizin, Bd. 131, 1920.

3) Ergebnisse der inneren Medizin, Bd. 18, 1920.

4J Americ. Journal of Physiology, V. 53, 1920.

Sluiten