Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij de eerste groep van gevallen bleek het tengevolge van den chirurgischen ingreep opgetreden bloedverlies (± 15 %) in gemiddeld 18 dagen weer hersteld te zijn. Een ongeveer even lange duur werd bij de benigne tumoren gevonden. Bij tuberculeuze aandoeningen was deze regeneratie duidelijk verlengd en bedroeg bij een soortgelijk bloedverlies ongeveer 24 dagen. Een duidelijke invloed van luetische processen kon BlERFREUND niet constateeren. Beschouwen wij de resultaten bij de kwaadaardige gezwellen. In 18 niet gecompliceerde gevallen (geen metastasen, geen ulceratie, geen bizondere grootte van den tumor) bleek na exstirpatie het haemoglobinegehalte na + 23 dagen zijn oud peil opnieuw te hebben bereikt. Bij 16 aanmerkelijk grootere gezwellen, die de functie van het aangedane orgaan zeer hadden gestoord, was deze tijd ± 28 dagen. Bij 36 ulcereerende tumoren werd na exstirpatie een tijdsduur van eveneens ongeveer 28 dagen vastgesteld. Bij sommige patiënten bleef echter steeds na de operatie het haemoglobinegehalte beneden de oorspronkelijke waarde. Enkele gevallen, die de schrijver in de gelegenheid was na eenige maanden nog eens te onderzoeken, vertoonden, ook bij het uitblijven van een recidief, geen hooger haemoglobinegehalte dan vóór de operatie; in tegenstelling met de tuberculose patiënten, bij wie het bloed gewoonlijk duidelijk in de verbetering van den algemeenen toestand deelde.

Wij zien uit deze onderzoekingen, die wegens haar groot belang iets uitvoeriger zijn medegedeeld, dat een invloed van maligne tumoren op het regeneratievermogen van het beenmerg niet valt te miskennen.

H. Zuurstofverbruik der roode bloedlichaampjes.

Wanneer men een steriele emulsie van roode bloedlichaampjes, waarvan het haemoglobine met zuurstof verzadigd is, gedurende eenige uren, van de lucht afgesloten,

Sluiten