Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het opvangen van de urine.

klemde ik den darm dicht, vlak boven de omslagplcoi van het peritoneum op de blaas, sneed den darm door en verwijderde alle ingewanden in eens, door achter het darmkanaal tot den hals het mesenterium door te knippen. Het urogenitaalstelsel bleef over en de beide aortae lagen thans goed bereikbaar. In de aorta dextra schoof ik de injectienaald en fixeerde haar door onder haar op de wervelkolom een kurkenplaatje te leggen, waartegen een veerende breinaald de injectienaald vasthield. De aorta sinistra werd met een klemmetje gesloten om geen doorstroomings-vloeistof te laten ontsnappen; in sommige gevallen ook de arteria intestinalis communis, als het mij voorkwam, dat daarlangs te veel vocht wegliep.

Het opvangen van de „urine" geschiedde steeds met bijzondere voorzorgen; door aanraking met de lucht mocht de koolzuurspanning van de urine, die in vele proeven niet verwaarloosd mocht worden, niet gewijzigd worden, wilde ik de oorspronkelijke actueele reactie van de urine leeren kennen. Om dat te voorkomen werd de urine achter eenen kwikdruppel in een tamelijk nauw glazen buisje opgezogen. De druk, waaronder de urine werd afgescheiden, was natuurlijk niet in staat den kwikdruppel, dien ik om goed af te sluiten, in het buisje een lengte gaf van 3—4 cM., voort te duwen. Om de beweeglijkheid van den kwikdruppel te vergemakkelijken, werd het buisje met eene slang aan een zuigapparaat verbonden, bestaande uit 2 flesschen met water door eenen hevel vereenigd. Het niveauverschil daarin van ongeveer 8 cM. was de zuigkracht, waarmee de kwikdruppel werd voortbewogen, als het buisje nagenoeg

Sluiten