Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Je bent bij het Apen-volk geweest — bij de grijze Apen — het volk zonder Wet — de dieren die alles eten. Dat is een buitengewoon groote schande."

,,Toen Baloe mij zoo op m'n hoofd sloeg", zei Mowgli, die nog op zijn rug lag, „ben ik wegge loopen en de grijze apen kwamen van hun boomen naar beneden en hadden medelijden met mij. En niemand anders bekommerde zich om mij."

„Het medelijden van het Apenvolk!" hoonde Baloe. ,,De kalmte van de bergstroom! De koelte van de zomerzon! — En toen, Menschen-jong?"

„En toen, en toen, hebben ze me nooten en allerlei lekkere dingen te eten gegeven, en — ze hebben me in hun armen naar de toppen der boomen gedragen en gezegd, dat ik hun broeder was naar den bloede, behalve dan, dat ik geen staart had en dat ik te eeniger tijd hun aanvoerder zou worden."

„Zij hebben geen aanvoerder", zei Bagheera. „Zij liegen. Zij hebben altijd gelogen."

„Ze waren heel vriendelijk en hebben mij verzocht nog eens terug te komen. Waarom hebben jelui me nooit bij het Apen-volk gebracht? Ze staan op hun voeten precies als ik. Ze slaan me niet met harde pooten. Ze spelen den heelen dag. Laat me naar ze toe gaan! Laat me gaan, akelige Baloe! Ik wil weer met ze spelen!"

„Luister eens, Menschen-jong", zei de beer en zijn stem rolde als de donder op een zwoelen avond. >>Ik heb je de heele Wet van den Dsjungel geleerd, Voor alle volkeren die daar leven — behalve voor het Apen-volk dat in de boomen woont. Dat heeft geen Wet, het zijn uitgestootenen. Zij hebben geen eigen taal, maar gebruiken alleen maar gestolen Woorden, die ze afluisteren als ze boven in de tak-

Sluiten