Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eigenlijk van heel Canty-sur-Mer. Loiseau vergat, dat Jean hem op de noodzakelijkheid van aankoop had gewezen, hij werd de man van de inslaande waarheid: ja, waar steeds afgaat en niets bij komt — n'est-ce pas? Voila, voila — en gold in het Café du Commerce als de energieke man van Cantysur-Mer, de man die de plannen maakt. Wat er dan gekocht moest worden, dat wist men nog zoo niet en kwalijk was dit niet te nemen, wanneer men gedenkt dat theoretisch die keus de ruimte had tusschen de duizenden dieren der aarde en der wateren, van goudvischjes tot neushoorns en gorilla's. Maar men had de toestemming van het Stadsbestuur nog niet, al viel dit bestuur gedeeltelijk samen met de beheerscommissie van den Jardin Zoologique, en wanneer men die toestemming zou hebben, was er dan geld voor beschikbaar ? Dr. Loiseau glimlachte zelfgenoegzaam en zeker van zijn zaak. „Du moment que je m'y mets. ..."

Op een avond, heel het notabelendom van Canty-sur-Mer wist het, ging hij naar Jules César Bréard, den burgemeester van het plaatsje, om dezen te polsen of hij er wat voor voelde den dierentuin een som gelds voor aankoop beschikbaar te stellen. De burgemeester vond het een goede gelegenheid Dr. Loiseau, leider der plaatselijke liberalen, aan zich te verplichten en zei in principe niet nee.

Toen het zoover was gekomen, wenschte heel de plaats verwezenlijking. Menschen zijn kinderen. Heeft Papa eenmaal gezegd, dat Sint-Nicolaas den kleinen Frits een speelgoedmolentje zal brengen, dan moet dit er ook komen, al had het kind daarvoor van geen molen gedroomd. Niets gemakkelijker dan wenschen in menschen te zaaien. Het Kur-

Sluiten