Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Goed zoo Fritske! .... goed zoo Fritske!....

Toen 't uit was ging er een donderend geschreeuw

op en nu was 't pauze.

Er werden sigaren gepresenteerd voor de jongens en koekjes voor de meisjes en ze drongen dichter bij elkaar om de tafel en overal klonk vroolijk gelach en gepraat en schitterden de oogen van 't plezier.

Zoo nu en dan verlieten jongens en meisjes paarsgewijze de zaal, om buiten frissche lucht te scheppen en een eind 't weggetje uit te wandelen achter de school, waar 't donker was. Jan stond in de deur tegen Bart te wenken om bij hem te komen en dan gingen ze met nog een paar jongens naar de laagste klas, waar de banken in rijen op elkaar gestapeld stonden en in 't schemerdonker lichte plekken schemerden van de bloesjes der meisjes, die er halfluid met jongens zaten te praten en gesmoord giegelden wanneer ze hen wilde kussen.

— Duu-de ok mee Bart? vroeg Jan, we legge de man 'n dubbeltje bij mekaore en dan lao've 'n half fleschke haole, want da' zoere grèi van die wijn, daor zou-de pijn in den buik van krijge!

Jan ging naar de zaal en stak er ongemerkt een wijnglas in den zak en een van de andere jongens kwam terug met jenever en ze dronken om de beurt een slok. Ze smakten met de lippen en spuwden op den vloer, maar Bart was er niet aan gewoon en 't brandde hem in de ingewanden.

— Ikke nie méér, 'k heb al zoo veul wijn op!

Maar Jan schonk 't glas weer vol:

Sluiten