Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

flesschen met drop en gekleurd suikergoed en om de groote vierkante biscuittrommel lagen verschrompelde citroenen en een stuk of wat sinaasappelen.

't Kleine belletje boven de deur ging nijdig rinkelend over; de veer trilde nog wat na, met zoemend metaalgeluid en dan werd 't stil. 't Huis lag als uitgestorven en er kwam niemand.

Leneke keek rond. Op de vervelooze toonbank stond een half geopende bus met gebrande stroop en een weegschaal met een paar gewichtjes. Aan den eenen kant op 't geelkoperen schaaltje lagen een paar steentjes en een stukje lood en aan den anderen kant hing aan dunne kettinkjes een breed bakje, met een vuil stukje zeildoek erover. Daarboven hingen, aan touwtjes geregen, driehoekige en vierkante grijze zakjes en er achter stond de groote winkelkast met kruidenierswaren. Onderaan, in den diepen bak, stak een groote houten schep in 't..?/itte meel en daarnaast lagen hoopen korrelige rijst en grauw hennepzaad en mooie glanzende boontjes, door blauwgeverfde tusschenschotten van elkaar gescheiden. Daarboven, onzichtbaar in de gele laadjes, waren de fijnere waren en Leneke las verstrooid de namen, die er met vette, zwarte letters opgeschilderd stonden en liet, ritselend tusschen de vingers, de gedroogde erwten doorglijden, die in een zak naast de toonbank stonden.

Eindelijk klonk er een gestommel in de donkerte aan 't eind van den gang en ze hoorde langzame stappen, die dichterbij kwamen. Dan verscheen er een groote vrouw, met fletsbleek vooroverhangend hoofd en een

Sluiten