Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Die u als dochter zeker wel wilt hebben.« —

»Idoena, lieveling!« zei Gunlod en

Zij drukte 't jonge paartje aan 't moederhart.

Dat gaf 'en blijdschap: Hagen schaterde, Hij plaagde Idoena met haar huwliksfeest,

Haar kleur week nu niet meer, haar blijde zang Klonk daagliks door de hut en vlugger noch Dan eens deed zij haar huiswerk, want zo straks Zou Bragi komen of zij ging tot hem.

Het was 'en zomerdag in beider hart,

'En dag van zonnewarmte en vogelzang.

De tijd vergetend zwierven zij door 't bos, Wanneer hij woorden vond voor hun geluk Zo mooi, als nooit op aard weerklonken hadden, Zo mooi, dat vogeltjes ze zongen, 't bos Ze ruiste, 't water ze voortmurmelde; En bloemekes ontloken, waar zij rustten.

Verward was menigmaal Idoena's haar;

Vaak moest, als vroeger, moeders toverzang Hun huiswaarts roepen, als de zon verdween. En steeds gelukkiger was beider ziel,

Steeds blozender hun blanke en bruine wangen.

Toch zong in Bragi's ziel 'en vogeltje,

Dat hij noch iets vertellen moest, doch schuw

Sluiten