Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schoteltje en zette dat naast het fornuis. Maar de kater neep zijn oogspleten nog verder dicht en bleef zitten trappelen.

Warm-broeierig ging door de stille kamer het spinnen en het nagelhaken in de hardvezelige stof. Madame Legüenne schoof achter in haar armstoel en sloot de oogen. Eens nog poogde zij, met een schrille handbeweging, den kater te verjagen; maar als het dier niet ging, sloot zij weer de oogen en bleef zoo zitten. Twee lichtroode vlekken kleurden, door de hoorngele huid heen, op de hoekige koonen.

Dien morgen was ze naar de Avenue Victoria geweest... twee franken afgedaan!... in haar galatoilet, zooals Legüenne het noemde... nu ja, zulke rijkdommen hield zij toch niet over! zevenentwintig frankjes had ze nog beneden...!

Wat dat een verluchting was geweest, na die angstweek in 't begin van Juli, het briefje van Monsieur Morland: het was hem gelukt, de zaak voor haar in orde te brengen; tot tweehonderd franken was haar boete verminderd, en zij mocht betalen zoo vaak en zoo veel haar omstandigheden 't haar toelieten... Wat het een verluchting was geweest! Maar wat ze tegelijkertijd een spijt had gehad over die in der ijl geleende honderd franken, welke ze juist den vorigen dag, met de vijfentwintig van Legüenne, naar het octrooi-bureau was wezen brengen!

Sinds was zij nu nog tweemaal wat gaari afdoen, een frank of wat... toen zij, de tweede maal, óver de drie weken was weggebleven, had zij een aanmaning gekregen, dat was al! Die zaak ging nu zoo rustig! 't Waren de andere honderd franken, van de Rue Réaumur, die haar het meest benauwden... wat was zij die in haar bangigheid ook

Sluiten