Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het vrouwtje, voor het eerst, sinds dagen, had een zweem van een glimlach over haar droef gezicht.

Toen kwam voor madame Lourty nog de kwelling, even de ijl-opwakkerende, allerlaatste hoop, dan het voor altijd zich ontsluitend onmeedoogend duister der waarheid, — het bezoek van den speciaal-arts...

De benauwde volte der drie mannen in de kleine entrée, het fluisteren, het schuifelen van kleeren, het doffen van stappen in het salon, het zwijgen dan... het gaan in de ziekekamer, eerst van dokter Besnard, dan van dokter Besnard en den broer, dan van dokter Besnard en den vreemden professor; en daar binnen, na de uren van rust sinds den morgen, het weer opgrommende woede-geluid en de verzetkreten van Alphonse.

Henri Lourty kwam dan bij haar in de eetkamer; — de dokters consulteerden in het kamertje van Etienne, vertelde hij; dan leidde hij haar naar de canapé in het salon.

Geheimzinnig en stil traden de twee dokters binnen, zetten zich tot een onderhoud, de professor balsemvriendelijk en heel ver weg in geleerdheid, zeer beschaafd en bedaard, een gedistingeerde heilige, — dokter Besnard, onrustig en boersch op eenmaal in zijn gekleede jas, onvermurwbaar uit de hoogte, als beleedigd over een gemis aan vertrouwen, en toch met onwillekeurige bewegingen van thuis-zijn..., gewichtig dan met den professor mee óp en inwendig in zijn schik over het stilzwijgend compliment, dat hem gemaakt was. En terwijl maar al, niet om aan te hooren zoo verschrikkelijk in zijn dompe eentonigheid, daar achter hen het jammerlijke roepen aanging, moest het vrouwtje antwoord geven op velerlei vragen, van de onnoozelste der dagelijksche

Sluiten