Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weg... Hij zag het zich nóg schrijven, dat briefje van de huuropzegging, dien middag toen Hortense was aangevallen... Die vrouw en dat kind, die waren wel onaangenaam en ongepast lastig, maar toch onschadelijk; doch wie verzekerde hem, dat de man zelf niet den een of anderen dag uit het gesticht werd gehaald en weer thuis kwam!... nee, nee, hij had best gedaan, die vrouw de huur op te zeggen.

— Die Lourty had hem wat een angst gekost, indertijd! Hij was in staat geweest, de menschen in hun appartementen te overvallen! Had Hortense hem niet betrapt op een morgen, terwijl hij naar de vijfde sloop, om het jonge vrouwtje Giraud te gaan opzoeken? En voor Hortense ook; eens dat hijzelf 's avonds wat laat was uitgebleven — 't licht in de gang brandde nog, maar Hortense was vast naar bed gegaan — had Lourty wel vijf minuten op de gesloten deur staan tikken... Soms ging Lourty nog óver elven de straat op! En als hij dan vanuit de al donkere gang dat rare kuchje hoorde met dat schaamachtig „cordon s'il vous plait," dan had hij vaak zoo'n zin gehad, niet open te trekken! En branderig-wakker in zijn warme bed, had hij zich wel voorstellingen liggen maken van wat er dan gebeurd zou zijn... hoe Lourty, razend van drift over de weigering, de glazen van zijn loge zou hebben ingeslagen, en hijzelf zijn voeten te bloeden trappend in de scherven, uit het raam om hulp zou hebben geroepen, koud in zijn nachthemd, worstelend met den intusschen binnen geklommen en zijn vrouw aanrandenden Lourty — hij zag van diens gewonde vuisten de roode vlekken over het beddegoed — tot eindelijk de agent, die altijd 's nachts door de straat op en neer stapte, op zijn geschreeuw en de vreeselijke gillen van

Sluiten