Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Marie (hartelijk).

Mag ik het nu lezen?

A n n i e (zacht).

Ja (een pauze).

(Annie zacht en lief vertellend, teer sprekend, als bang om de betoovering van 't verleden te verbreken.)

Je hebt hem gezien, vier jaar geleden bij 't huwelijk van Johanna van Inkers. Jij vond hem ook aardig en je zei me eens plagend — 's avonds onder 't naar bed gaan, op die groote, gezellige logeerkamer, weet je nog wel ? — dat je hem juist iemand voor mij vond. Ik deed net of ik er niet eens op lette, dat je 't zei, maar ik was er zoo gelukkig door! Ik vond mezelf nu niets voor hem, hij was zoo verstandig, zoo artistiek en zoo goed, zoo grenzenloos goed! Herinner je je nog maar eens hoe lief hij was voor z'n jongste broertje, dien dag van de buitenpartij. Hij bleef toch heel alleen met het kind thuis, omdat het niet wel was. Dien dag heb ik hem erg gemist, de pret was me af van den heelen rijtoer, maar 'k vond het toch heerlijk, dat hij thuis was gebleven. Weet je 't nog wel, Mies ? En toen we toen 's avonds terugkwamen en hij in de half donkere serre zat, naast de chaise longue waarop 't kind sliep, 't kleine handje in de zijne, toen had ik hem zoo graag gezegd hoe lief ik dat alles van hem vond, maar 'k durfde niet. 'k Ben naar boven, naar onze kamer geloopen en daar heb ik geschreid, geschreid, alsof me iets vreeselijks was overkomen en

Tooneklstukjes yoor Dames. ]e Serie. No. 6. 2

Sluiten