Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar Njotje en uw koetsier wacht, 't Verveelt mij zoo dat leeren en ik mag nog niet gepresenteerd worden vóór dat de juffrouw getrouwd is en nu is er iemand die maakt haar het hof maar hij durft haar niet vragen heeft hij Pa gezegd omdat zij zoo stijf is en als U hem wat . . .

Tante Betje:

Loh ! Dat kind!

H etty:

Dat is nu alles, En nu toevallig zendt Ma hem eten naar het kantoor, dan doe ik 't er gauw in en — en wie weet! Misschien vraagt hij haar reeds van avond. Alle menschen zijn bang voor juffrouw Sabine! Ze noemen haar een ijskegel maar als men verliefd is, heel, heel erg verliefd, dan hindert dat niet, ja tante!

Tante Betje:

(in 't kistje schommelend). Tobat die kinders, zoo klein als vingergoeden en zoo wijs. . .

H e 11 y :

(opgewonden). Dus geeft U mij iets?

Tante Betje:

(ter zijde). Doe dan maar alles in zijn eten. — Hij krijgt lekkere kost die vent. (geeft haar een doosje.)

H e 11 y :

Dank U, dank U! (zij zoent tante Betje en vliegt weg, maar bij de deur komend roept zij zich omkeerend zeer gejaagd): Niet aan Ma zeggen!

Sluiten