Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ik zal u nu mijn geheim zeggen, dat uw oom Martijn mij meedeelde, opdat ge overwinnaar moogt zijn."

Dit zeggende, legde zij hare beide pooten op zijn kop en sprak eenige tooverwoorden over hem uit.

„Neef," hernam zij, „nu zijt ge wèl bewaard. Vrees niet voor eenig ongeluk en neem een weinig

rust, dan zult ge welgemoed zijn. We zullen u wel bijtijds wekken."

„Tante," zeide hij, „ge hebt mij zooveel goeds gedaan, dat ik u daarvoor nimmer naar waarde kan danken. Mij dunkt, dat niemand mij zal kunnen krenken, nu ge die heilige woorden over mij uitgesproken hebt." ' Toen legde hij zich onder een boom op het groene

11*

Sluiten