Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uitgekreten. Voor haar was daar geen plaats. Men zoekt geen levende bij de dooden.

Zij is dan nu druk bezig met in te pakken. Haar kleine Mina helpt haar getrouw en gedurig brengt zij met hare kleine handjes een en ander aan, dat mama in koffers en kisten moet bergen.

Onder 't inpakken valt er iets in Elise's handen, dat zij met bijzondere aandacht blijft beschouwen, 'tls haar album. Het heiligdommetje van een jeugdig meisje, vol zoete en aangename herinneringen.

Toen zij bij haar huwelijk het ouderlijk huis verliet, verzuimde zij het mede te nemen, en later dacht zij er niet ernstig genoeg aan, om het te laten ontbieden. Het bleef steeds in het oude hoekje liggen, werd vergeten, en eerst op den dag, toen de inboedel van den ontvanger werd verkocht, kwam het te voorschijn en vond een kooper, die het bewaarde tot nu ongeveer drie maanden geleden. Toen werd het haar aan huis bezorgd, waarschijnlijk door iemand, die onbekend wilde blijven; althans, er was geen briefje bij, en bij de afgifte ook geen groet of boodschap. Het adres was van dezelfde hand, die haar eenmaal had gewezen op de distelen en doornen des levens, en op de blijdschap, die een Christen zelfs onder veel lijden smaakt. Toen Elise het album opende, ter plaatse waar een lintje gelegd was, viel haar oog op het versje, dat Herman Sanders er indertijd ingeschreven had, en nu de handschriften vergelijkende, bleef het voor haar geen raadsel meer, wie haar vroeger die woorden geschreven en haar het album gezonden had.

Herman Sanders 1

Zij had hem de laatste maanden nu en dan gezien op bijeenkomsten, in zendingsvergaderingen, ook wel in de kerk; maar door kiesch gevoel geleid, hadden zij elkander nooit eenig woord toegesproken en was het slechts bij een stilzwijgende buiging gebleven. Een paar malen was het gebeurd, dat zij op een stoel had plaats genomen dicht bij de plek waar hij stond; maar bescheiden als hij was, had hij zich teruggetrokken, zoodat haar oog hem niet ontmoeten kon. Toch had zij hem herkend. Zij zou hem ook herkend hebben onder duizenden, aan dien ern3tigen en toch zoo beminnelijken blik zijner oogen, aan zijne min of meer aristocratische houding en aan geheel zijn wezen, dat achting en eerbied inboezemde.

Waarom had hij haar dat album gezonden?

Die vraag riep een blos op hare wangen te voorschijn. Zij kon niet ontkennen, dat zij steeds met belangstelling aan hem gedacht had en hem groote achting toedroeg. Dat hij dat album gekocht had om het haar te schenken, werd haar duidelijk; maar met welk doel? Wilde hij haar opnieuw herinneren aan de dagen toen zij nog samen in het bosch wandelden, en onderden beukeboom, in gezelschap van andere jongelingen en meisjes, speelden? Wilde

De VroQW yan den Werktuigkundige. 10

■ -i

Sluiten