Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Den Booze, die daar fluisterde,

(vol snoode veinzerij,)

Van 't nuttig, werkzaam leven in

den str|jd der maatschappij I

Den Booze, die hem 't lieve beeld

vertoonde in stillen rouw, Der zuster, die hij overliet

aan vreemde zorg en trouw.

Ook menigwerf, ontroerd, geschokt,

betooverd en verward,

W eerstond hij maar ternauwernood

dien aanval op zijn hart.

Doch hij bestond; de Booze week....

en, in den geest verheugd,

Dacht hij zich telkens meer volmaakt

in heiligheid en deugd.

En eenmaal, na volstreden kamp,

_ _ steeg moedig zijn gebed Tot Hem die uit des vijands klauw"

Zijn dienaar had gered:

>"k Heb al mijn leven in Uw dienst

geheiligd, o mgn Godl Ik stierf de wereld af; ik vlood,

ik schuwde al 't aardsch genot...»

»Ik hoorde 't hartontblootend woord,

dat Christus onze Heer Eens tot den rijken jongling sprak,

en — willig deed ik meert

»Ik stond mgn vele goederen af

voor. *t hoogste en éénig goed: Ik haatte zustor, maag en vriend,

ik kruiste vleesch en bloed 1

»Ik leefde een leven van gemis

in 't diepste der woestijn,

Alleen met U, alleen voor l",

die steeds mijn deel mocht zijn!

»Nu geef me een teeken Uwer gunst,

Ontfcrmer ! toon het mij

Sluiten