Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Schoon van der onschul <1 krans (beroofd,

Wie durft, wie zal het »sehnMig"

... .. , (spreken ?

Miet wg — doch zij!

De minnarcsse,

Wier zwakhoid do ondeugd slechts

n- - (bespot,

Die ons wel offer scheen van 't lot Der Liefde groote martlaresse — Zij vraagt, voor menschen en voor

r> , (God,

treen naam dan die van — zonda-

(resse!

O stille deernis, pleit haar vrijV Lisch voor dit beeld van liefde en

tï . . (sinarte

De schatting van het peinzend harte !

Laat, zachte Kunst, Iaat, Poëzij, Uw vriendlijk licht, uw milde stralen Op deze blonde lokken dalen ! Kroon, kroon het offer met uw

Bedek haar smetten met nw glans' Zeg ons haar lijden en haar wonden, liaar eedle ziel, haar rein gemoed, \ erheerlg'k ons haar teedn; zonden

i^n haar verboden liefdegloed

Doch zij, de vrouw aan Christus'

Heeft beetre dingen te verkonden',' !) — t oog noó opslaande in Zijn

Heeft zelf haar vonnis uitgespro-

En uw onschendbren eisch gewroken, U heiige deugd en heiige plicht! In t onomkoopbaar zelfgericht Met al de rechtheid van t geweten, Dat vleitaal noch verzachting duldt, Dat kan verschoonen noch vergeten En rust vindt in 't besef van 7Ji , , (schuld!

*4) toen haar star had uitgeblonken,

231

En straks, aan gloênder minnelonken, liaars Konings hart zich overgaf — — Oncerbre liefde volgt de straf i _ Zij heeft den kolk van smaad ge-

i i-ii i , (dronken,

in stillen ootmoed neergezonken,

Als waar t een laafnis voor den

n . (gloed

Der wroeging in 't ontwaakt ge-

Zjj heeft gedragen en gebeden";06*1' Zg, ver van 's werelds jjdelheden. ü<en leven lang haar wuft verleden ücsclireid met heeten tranenvloed— Doe li ach tte t nooit genoeg gestreden 1 L och achtte t nooit genoeg geboet! Neen, bleeko schimmen der liistorio. ^een, schoon een wijl voor 'c

n i ,j (stralend oog,

Omstraald van liefde en lijdensglorie beeld verleidend schittreo

Gij-zelf hebt 's werelds martlaanj-

n- .. , . (kransen

Dg t kruis uws Redders, stuk

,. , . (getreén;

Gij-zelf verbreekt die logenglausen ze& uw rouw, uw schuld n i ... (alleen:

ljq groote schuld van 't menschen-

n l i . , (harte,

Dat staeg den afgod kiest voor God, ün heendoolt in de duistre verte, otraks prooi der zonde on spel

p-- , . (van 't lot!

Ug-zelf, wat tonen om u fluisfroa Van s werelds Liefde en Poëzij, Die zachtkens ziel en zinnen kluis-

c , , (tren,

Ln ons het oordeel Gods verduis-

Eén waarheid slechts verkondigt

Een waarheid, trouw als Chrisfus' leere:

Sluiten