Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

delicten of althans groote groepen van delicten gezamenlijk betreffen. Vandaar, dat het strafrecht in de tweede plaats ook voorschriften kent van algemeenen aard. Deze regelen b.v. de straffen en hare soorten, de deelneming en de verschillende soorten daarvan, de poging, de toerekenbaarheid en de gevallen, waarbij deze is uitgesloten, en tal van andere quaesties. Deze \ ooi schriften behandelen de z.g.n. algemeene leerstukken ram het strafrecht.

liet materieel strafrecht wordt diensvolgens verdeeld in een algemeen, en een speciaal deel.

§ li Bronnen Het strafrecht berust thans geheel op wettelijke bepalingen, van hel Indische d.i. 0]) door eene weigerende autoriteit uitdrukkelijk rast gestelde voorschriften. „Niemand mag tot straf vervolgd, of daartoe veroordeeld worden, dan op de wijze en in de gevallen bij algemeene verordening voorzien," zegt u, 88 R.R. (ook a. >i) A.B.)

Bij art. 72 R.R. en art. 12 Decentralisatiebesluit (Stbl. 1905 No. K<7) is de bevoegdheid, om normen en strafbepalingen te maken, zooals boven reeds gezegd, binnen zekere grenzen resp. aan Residenten en Locale Raden overgedragen.

Alle algemeene en locale verordeningen, waarin normen en sti at bepalingen, dan wel delicten voorkomen, vormen evenzoovele strafrechtsbronnen; zij worden alle begrepen onder den term: „de strafwet. Van de meeste beteekenis hieronder zijn de beide strafwetboeken, nl. een voor Europeanen (Stbl 1866 No. 55) en een voor lidanders (Stbl. 1872 no. 85), en de beide Algemeene Politiestraf reglementen, ook een voor Eur. en een voor In]. (Stbl. 1872 Nos. 110 en 111).

Uit het; bovenstaande blijkt, dat de codificatie van het strafrecht alles behalve volkomen is. En de reden hiervan is niet ver te zoeken. Want wilde men alle delicten zonder onderscheid in één wetboek samenvatten, zoo zou dit vrijwel het administratief recht in zijn geheel en omvang moeten bevatten.

De tallooze veroi deningen op administratief gebied regelen het ingewikkeld bestuursstelsel van Nederl.-Indië in zijn geheelen omvang, In de eerste en allervoornaamste plaats bevatten zij (Jus voorschriften betrekkelijk allerhande aangelegenheden van den meest, verschillenden aard, waarover do regeeringszorg zich uitstrekt, aangelegenheden die ieder op zich zelf eene

Sluiten