Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1 t

5 ]

ï ( ( ( ( (

I 1

1

(

]

§ 156. De regeling der verant- ( woordelijkheid volgens het drukpersreglement. ;

ïandeling toch is als de onderneming van schrijver èn uitgever e beschouwen. Intusschen kan het ook zijn, dat de uitgever rijne medewerking slechts verleent als hulp; in dat geval zou lij dus als medeplichtige zijn aan te merken. Drukker en •erspreider (ook de verkooper) zijn, indien zij van het misdalige van het geschrift op de hoogte zijn. slechts als medeplichtigen te beschouwen, evenals de redacteur, tenzij uit de omstanligheden mocht blijken, dat de geheele handeling ook als hunne mderneming te beschouwen is, bv. wanneer zij met schrijver 3n uitgever van begin af den inhoud en de strekking van het geschrift hebben besproken en elkaar wederzijdsche hulp heb3en toegezegd tot de gezamenlijke volvoering van hun gemeenschappelijk plan; in dit geval zouden zij als mededaders te leschouwen zijn. Het spreekt van zelf, dat het kan gebeuren, lat verpreider en redacteur, zelfs de uitgever, hoegenaamd ïiets van den inhoud van hot geschrift weten; dan zijn zij natuurlijk slechts als bloote werktuigen te beschouwen, en volgens de gewone deelnemingsleer niet verantwoordelijk.

Art. 11 Drukpersregl. nu stelt voorop, dat ieder verantwoorlelijk is voor hetgeen hij schrijft, drukt, uitgeeft, verkoopt of verspreidt,; ieder is dus als regel verantwoordelijk volgens de gewone beginselen van deelneming, zooals hierboven in het kort aangegeven, hetzij als dader, hetzij als medeplichtige; van ieder zal derhalve, wil hij veroordeeld kunnen worden, het opzet moeten worden aangetoond.

Maar nu laat art. 11 in het 2C en 3e lid erop volgen: „De verkooper, uitgever en verspreider zijn verantwoordelijk, zoolang zij den drukker niet aanwijzen. De drukker is verantwoordelijk, zoolang hij den schrijver niet aanwijstErbij wordt nog gevoegd, dat die aanwijzing niet baat, indien schrijver resp. drukker niet aan 'de rechtsmacht van den Ned.-Indisehen rechter is onderworpen. — In verband met het eerste lid van art. 11 nu, kan hetgeen daarop volgt geen andere beteekenis hebben dan deze: indien de schrijver onbekend blijft (of niet aan de rechtsmacht van den Indisclien rechter onderworpen is) wordt de drukker als dader beschouwd en gestraft, zonder dat, zijn schuld behoeft bewezen te worden; evenzoo de verkooper, uitgever en verspreider, indien de drukker niet bekend gemaakt wordt of niet

Sluiten