Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XI.

De Straftoemeting.— Samenloop; voortdurende en voortgezette delicten.

§ 174. Begrip In verband met de straftoemeting staat een belangrijk leervansamenloop stuk, nl. dat van den samenloop of concursus • van delicten, in het algemeen. „•(,]]< leerstuk door de tegenwoordige wetgeving nog zoo goed als ongeregeld is gelaten. Het voornaamste wat thans hieromtrent te vinden is, moeten wij bij de regeling van het formeele recht zoeken (waar het niet thuis behoort), n.1. in artt. 30;5 en v. /. E. (voor Europeanen in artt. 167 en v. Sv.) Het nieuwere recht heeft den samenloop terecht tot het materieel strafrecht getrokken, en dit leerstuk uitvoerig geregeld: het Ontic. wijdt er den VIen titel van het Ie Boek aan, artt. 62/60.

Onder samenloop of concursus van delicten verstaat men het geval, dat door denzelfden dader (of door dezelfde mededaders ') twee of meer delicten gepleegd worden, zonder dat tusschentijds wegens een dier delicten eene veroordeeling is uitgesproken. Op dit laatste komt het vooral aan, omdat daardoor de samenloop zich onderscheidt van de recidive. Want zoowel in geval van samenloop, als in geval van recidive worden door denzelfden dader minstens twee delicten gepleegd; in het eerste geval echter begaat de dader die verschillende delicten zonder tusschentijds wegens een of meer ervan veroordeeld te zijn geweest, terwijl in het tweede geval het eene delict juist gepleegd moet zijn nadat de dader wegens het andere reeds veroordeeld was geworden.

') Wij zullen eenvoudigheidshalve ons verder slechts tot één dader bepalen.

Sluiten