Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geluid, even belangrijk als het gemeenschappelijk terugvoeren van de lichts- en geluids-indrukken op aether- en luchtgolven. Van oudsher heeft men zoowel in de schilderkunst als in de toonkunst gesproken van tonen en tinten, heldere en donkere tonen; van schreeuwende kleuren en wanklanken, terwijl de analogie tnsschen kleuren en tonen voor 't grijpen ligt. Wij zien in het lichtspectrum van het rood tot het violet slechts één octaaf; maar het ultra-rood en ultra-violet omvatten nog negen octaven; wij zien alzoo in elk geval slechts een tiende deel van de lichtzee, die ons omgeeft; evenals wij met ons oor volgens Helmliolz slechts elf octaven van het geluid vernemen. Maar het is zeer waarschijnlijk, dat iedere geluidsgolf in den aether ook een lichtgolf doet ontstaan, en dat omgekeerd de kleuren van het spectrum ook in den aether buitengewone hooge en fijne tonen te voorschijn roepen. Dat zouden dan millioenen octaven zijn, die wij zien noch hooren! Hoe zal het ons te moede zijn als wij eenmaal met onsterfelijke oogen en ooren werkelijk hooren en zien; in welk een oceaan van prachtige, nieuwe lichtstralen en kleuren, in welk een zee van tonen en harmoniën zullen wij zalig drijven! Intusschen, God weet, hoeveel Hij ons van Zijn schepping kan laten zien en hooren, opdat wij niet verblind en verdoofd door dit schrikkelijk gewemel van lichtstralen en klanken, rustige indrukken zouden kunnen ontvangen en „het eigen woord hooren."

Maar nog andere wonderen bergt de lichtstraal in zijn schoot. Frauenhofer ontdekte in den door een

Sluiten