Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het: Ik ben des keizers lieve schat; Vader heeft het mij van ochtend zelf verteld!" Als God ons, zijn gezaligd en tot koningen en priesters maken wil, die voor eeuwig op de nieuwe aarde heerschen zullen, kunnen wij er dan eenig bezwaar in hebben, dat hij op andere verloste werelden andere koningen stelten ook hun Vader wil zijn? Ook hier moet de Christen overgaan uit het relatieve denken van den natuurlijken mensch tot het absolute en ware denken Gods. God ziet u zooals gij zijt, zooals Hij u heeft geschapen. Laat nu duizenden en millioenen in Zijn schepping grooter en hooger zijn dan gij, dat maakt u nog niet kleiner. Ja, indien er zelfs in alle werelden niets ware hooger dan gij, dan zoudt gij daardoor toch nog niets meer en beter zijn dan gij nu zijt. In een eindige wereld, in een eindige schepping is er een middelpunt en een gradatie, iets gewichtigs en iets bijkomstigs, iets dat de wet stelt en de toon aangeeft, en iets dat aan de wet onderworpen is; in de oneindige, goddelijke wereld en schepping is het middelpunt nergens en overal. Ieder is in God hef centrum zijner wereld, en die wereld is voor hem juist zoo groot, zoo uitgestrekt, zoo oneindig, als hij ze zich denken kan. Het kleinste is voor God in zijn kleinheid volkomen; en het grootste en heerlijkste is even oneindig ver van Hem, dus in den grond even zoo oneindig klein als het allerkleinste. Ieder wezen, waaraan Hij zich geven wil als God en Vader, heeft Hem geheel; heeft aan Hem niets meer of niets minder dan Alles.

Sluiten