Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was van voren zoo hoog als een olifant, had de toenmalige prairiën tot woonplaats en was een onschadelijk plantenetend monster, misschien bedekt met even fonkelend groene schubben als zijn nietige opvolgers, de schoone, twee voet lange hagedissen van Italië. De reus echter onder de landhagedissen is de dinosauriër gevonden in de Juralagen van Wijoming (Amerika) dien Prof. Reed op een lengte van veertig meter (!) schat. Op hem volgen talrijke, grootteenige, massive gestalten, b.v. het megatherium (groote dier) wiens skelet in Buckland's geologie ons met verbazing vervult. In vergelijking met dit dier is het skelet van een leeuw of een tijger sierlijk slank, bijna dun en zwak. Hier vindt ge balken en pijlers waarop gewelven van beenderen rusten, krachtige pooten, een meter lang met klauwen van verscheidene voeten lengte! Met welk een oer-kracht hecht en bevestigt zich deze kolossus nu nog met zijn ongeproportioneerde pooten aan den grond, terwijl zijn kop nog klein is maar voorzien van groote, beitelvormige tanden tot het vermalen van saprijke boomtakken. Het dier, daarenboven gepantserd met een dikke, hoornachtige huid, een onneembare, levende vesting, die met één poot een leeuw of tijger zou hebben verpletterd, moet zich uiterst langzaam en moeilijk bewogen hebben. Geheel anders daarentegen deed het dinotherium, (dier der verschrikkingen) zich voor. Zijn schedel, drie en een halve voet langer en twee voet breeder lijkt ons een geelachtig stuk rots; hij zal zich als 't ware met zijn sterke, naar onder gebogen slagtanden

Sluiten