Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van zijn kennis. Is er grooter duisternis dan het niet? Desgelijke antwoorden zij op de vraag: Waartoe zijn wij op deze wereld: dat kan men niet weten. Nacht der onwetenheid! En vraagt gij hun, waar gaan wij heen, dan antwoorden zij: In den eeuwigen nacht, van de versteening der aarde. (Zie in Flammanons Astronomie populaire Pag. 101 een beeld

van den dood van den laatsten mensch in het eeuwige ijs).

Zoo getuigen zij tegen zichzelf, dat zij kinderen er duisternis zijn. Wel kunnen zij in dit en voor dit leven, dank zij het zonnelicht, dat God nu eenmaal niemand onthoudt, de noodige verlichting voor un kunst en wetenschap ontvangen en zich gedragen als menschen die zien en ook een zoodanigen indruk maken. Spreekt men echter met hen even over Jt een of ander dat maar uitgaat boven het rijk dat in 't zonnelicht zichtbaar en kenbaar is, dan merkt men dat hun leven, -schijnbaar zoo practisch en schrander,

nu reeds door een kring van de dichtste duisternis omgeven is.

Ook in de lucht en in 't geluid ligt het oordeel reeds. Vloeken en lasteringen, woorden des toorns, der haat, van den hoogmoed zijn wanklanken valsche akkoorden, die de harmonie der luchtsfeeren versc euien, de melodie van het heelal verstoren, het ZIJ 11 Uitdampingen der verrotting, die de gezonde samenstelling der atmosfeer in gevaar brengen. Deze geestelijke wanklanken zetten zich in de natuur om, krachtens den volkomen samenhang van den geestelijken

Sluiten