Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

M. d. V. Ik heb het onderwerp, dat hier dezen middag behandeld werd, met heel veel belangstelling gevolgd. Ik ben zelf lid van den voogdijraad, maar ook als diaken van de Hervormde Gemeente en als districtsvoorzitter van de Vereeniging tot Verbetering van Armenzorg kom ik voortdurend met het werk van armenzorg in aanraking. Zoo heeft de combinatie van die twee onderwerpen, die aan de orde waren gesteld in de hoogste mate mijn belangstelling gewekt. Nu is er een punt, dat ik gaarne door den inleider zou wenschen uitgewerkt te zien. Toen ik lid van den voogdijraad werd en een aantal gevallen had behandeld, heb ik de groote beteekenis van de armverzorging, die reeds vroeger bij mij hoog stond aangeschreven, veel hooger leeren schatten, en ik heb telkens gedacht: wanneer hier een armverzorging een paar jaar geleden energiek was opgetreden, en meer haar plicht had gedaan, dan zou de voogdijraad niet met dien uitersten maatregel behoeven te komen om ontzetting van die ouders aan te vragen. Ik heb daarna ook weer gevoeld, dat het dikwijls ook werkelijk moeilijk anders kon. Het groote onderscheid tusschen het werk van den voogdijraad en dat van den arm verzorger, is dit, dat op dat werk van den voogdijraad volgt ontzetting uit de ouderlijke macht door den rechtbank, terwijl de arm verzorger alleen met zedelijke middelen moet werken, en ten slotte alle bevoegdheid om in het gezin krachtdadig op te treden, mist. Het is mij menigmaal gebeurd, dat ik als lid van den voogdijraad in een gezin moest optreden, waar ik eenigen tijd geleden als armverzorger geweest was, en waar de toestand zóó was, dat het mij onmogelijk was, daar langer als armverzorger op te treden. Toen liep de zaak weer een poosje. Daarna werd de toestand zoo erg, dat de voogdijraad moest optreden. Ik leerde vele gezinnen kennen waar de toestand zóó was — ik behoef daarbij niet in details te treden — dat men de omgeving moest beschouwen als hoogst verderfelijk voor de kinderen en waar toch inder-

Sluiten