Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

c. voor eene weduwe, wanneer zij een nieuw huwelijk aangaat.

Wordt liet huwelijk ontbonden, dan herleeft voor de weduwe de aanspraak op het laatstelijk genoten pensioen, tenzij zij aan haar later huwelijk aanspraak kan ontleenen:

1°. op een hooger pensioen uit het fonds of op een gelijk of hooger pensioen uit eenig ander onder Staatstoezicht gesteld weduwen- en weezenfonds;

2°. op een lager pensioen uit een ander soortgelijk fonds, in welk geval slechts het nadeelig verschil uit het fonds wordt aangevuld.

Zoolang de weduwe door een nieuw huwelijk het genot van pensioen mist, genieten hare kinderen onderstand, niet overeenkomstig § 1, maar overeenkomstig § 2 van artikel 19.

Artikel 22.

Wanneer uit eene verklaring, afgegeven door het Hoofd van plaatselijk bestuur der woonplaats van een uit het fonds bedeelde weduwe, blijkt, dat zij die woonplaats heeft verlaten, zonder volmacht tot het waarnemen van hare zaken gegeven of orde op het beheer van dezelve gesteld te hebben, of dat zij vermist wordt, genieten hare kinderen, zoolang zij zich niet voor eene uitkeering aanmeldt, onderstand, niet overeenkomstig § 1, maar overeenkomstig § 2 van artikel 19.

Meldt de weduwe vóór de verjaring van hare aanspraak -op uitkeering zich weder aan, dan wordt haar het pensioen over den verloopen tijd uitgekeerd onder aftrek van hetgeen hare kinderen meer hebben genoten dan hun volgens § 1 van artikel 19 zou zijn toegekomen.

Artikel 2.3 (T).

De regeling van de pensioenen en onderstanden ^geschiedt in Nederland door den Minister van Koloniën, in Nederlandsch-Indië door den Commandant van het leger, in Suriname of Curagao door den Gouverneur, na-

-ƒ') Noot van het D. v. 0. Zie het voorkomende onder X van de Voorschriften, hierachter als bijlage letter B opgenomen.

Sluiten