Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

des levens te verkondigen. » Liep hij heden boos weg, dan kwam hij den volgenden dag vriendelijk terug.

Eens kwam hij tot ons, toen er eenige heidenen en doopcandidaten uit Silindoeng bij ons waren. Een hunner sprak buitengewoon goed over den weg ter zaligheid. Ama ni Holing zat schuins achter hem, zeide niets, maar streek telkens met de hand onder de kin en boven den mond. Toen de Silindoengers vertrokken waren, vroeg ik hem naar de beteekenis van die handelwijze. Hij antwoordde, dat alles, wat die man zeide, lippenwerk was, dat het niet uit zijn hart kwam, dat hij niet te vertrouwen was.

Ama ni Holing komt nader.

Eindelijk kwam onze Ama ni Holing van tijd tot tijd in de kerk en luisterde goed. Dan ging hij geregeld naar de Zondagschool niet als leerling, maar als examinator van den onderwijzer, een zeer goed ontwikkeld man, nu reeds vele jaren geordend zendeling. Ama ni Holing begon hem dan ook te vragen: Meester, hebt gij in de kerk alles verstaan, wat de zendeling zeide en gelooft gij ook alles? Na het bevestigend antwoord ging hij dan voort: hoe is dit dan? en dat? Wist de onderwijzer soms niet meer te antwoorden, dan was de koning uitermate verheugd, kwam tot ons en zeide: ik heb den meester weer bij den neus gehad. Ik heb hem die en die vragen gedaan.

Dat was nu wel lastig voor den onderwijzer, maar de koning deed langs dien weg toch eene groole bijbelkennis op.

Sluiten