Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En thans nog een enkel woord over de katholieke Zending op Nieuw-Guinea. Het doet weldadig aan te kunnen constateeren dat zij, althans op twee terreinen, zich onder heidenen heeft gevestigd, waar destijds van Protestantsche zending nog geen sprake was. Dit geldt echter niet van drie andere kringen hunner werkzaamheid, waar zij heiaasde methode heeft gevolgd, ons uit de Minahassa maar al te goed bekend.

In Engelsch Nieuw-Guinea hebben de Roomschen zich gevestigd ongeveer in het centrum van den arbeid der Protestanten, nl. op het Yule Island en in de daartegenover gelegen districten Roro, Makeo, Pokao en Oeni-Oeni. Aanvankelijk hadden ook zij met zeer groote moeilijkheden te kampen die ^ een gevolg waren van het moordende klimaat. In 1S85 werd voor het eerst de Mis bediend, maar het duurde nog tien jaren voor van eigenlijken zendingsarbeid gesproken kon worden, en in de eerste dertien jaren stierven niet minder dan 28 missionnarissen, waarvan de meesten den leeftijd van 40 jaren niet bereikten.

De methode van werken vertoont naar het schijnt veel overeenkomst met die, welke wij uit onze koloniën kennen. Vooreerst zijn er op het Tule eiland, de zetel van den Bisschop, twee z.g. weeshuizen, bestemd voor kinderen van Europeesche vaders en inlandsche moeders. Er is wel eenige reden te onderstellen dat deze z.g. weeshuizen aan vele Europeanen een gewenschte gelegenheid bieden zich op fatsoenlijke (?) wijze te ontdoen van de vruchten van hun zondig leven. Daarmede is natuurlijk niets gezegd ten nadeele van dezen arbeid op zichzelf.

Voor het overige kan men omtrent den toestand zich niet heel gemakkelijk een voorstelling vormen. Over den invloed van de Zending in Roro en Makeo wordt met zekeren ophef gesproken, maar zóó dat het niet geheel

Sluiten