Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is die opbouwing uit cellen niet zoo gemakkelijk te onderkennen als dit met eenig deel eener plant het geval is. Bij eene plant zijn de cellen meestal scherp begrensd; bij een dierlijk lichaamsdeel zijn veelal bijzondere bewerkingen noodig om de cellen zichtbaar te maken. De reden

Fig. i. Plaatvormig epithe- Fig. 8. Kraakbeenweefsel uit de boven-

lium (bovenste laag) van de schenkel van een pas geboren kalf: a, cel

slijmhuid der pens van een rund; met kapsel; b, de hierin nieuw gevormde

a, celkernen. Vergr. 250. (dochter-)cellen. Vergr. 275.

ming der celwanden van meerdere cellen uit de stoffen die haar protoplasma afseheidt eene zelfstandigheid ontstaat, tusschencelstof geheeten, waar de cellen soms op vrij grooten afstand van elkander gelegen en als het ware ingedeukt zijn, Fig. 8.

Uit die samenvoeging van min of meer gelijksoortige cellen en hare grondzelfstandigheid ontstaan alzoo, wat men noemt weefsels, Fig. 7 en 8, waarvan men naar den vorm der cellen, de wijze waarop deze bijeengevoegd zijn en naar haren stoffelijken inhoud in hoofdzaak onderscheidt: het kraakbeen- en beenweefsel, het spierweefsel, het bindweefsel, het vetweefsel, het zenuwweefsel, het klierweefsel en het hoornweefsel.

Uit de vereeniging van weefsels ontstaan verder de verschillende organen, en hieruit is ten slotte het geheele lichaam opgebouwd. Die organen vormen samen alzoo een geheel; aan elk daarvan is eene bepaalde taak opgedragen; zij zijn om het zoo uit te drukken Reinders , Algemeene Veeteelt. 2

Sluiten