Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een groot deel in de uitwerpselen overgaan, loopt ook de waarde van den stalmest nogal uiteen naar het aschgehalte van het voedermiddel, en kan dit laatste daarvoor meer of minder te goed worden geschreven i).

Zoo bevatten 100 KG.

Stikstof. Kali. Phosphor;

Haverstroo .... 0.56 1.63 0.28

Grashooi 0.48 0.47 0.12

Tarwezemelen . . . 2.24 1.53 2.69

Lijnkoek 4.72 1.25 1.62

Raapkoek .... 5.05 1.30 2.00

Aardnotenkoek . . 7.56 1.50 1.31

Katoenkoek. . . . 6.21 1.58 3.05

Stellen wij nu de waarde der stikstof van de onverteerde stikstofverbindingen naar de tegenwoordige prijzen per KG. op 60 cent, van kali op 20 cent en die van phosphorzuur op 15 cent, en nemen wij aan dat van de stikstof van hooi 1/3, van stroo de helft, van de zemelen 1/4 en van de koeken i/7 in den mest komt, en dat de waarde van 't kali en phosphorzuur hier geheel aan den mest ten goede geschreven mag worden, dan leert de berekening dat een en ander een waarde vertegenwoordigt per 100 KG. van

Haverstroo 54 cent.

Grashooi 29 ,,

Tarwezemelen 104 „

Lijnkoek 89 „

Raapkoek 98 „

Aardnotenkoek . . . . 114 „

Katoenkoek 131 „

Bij het berekenen van den prijs der waarde-eenheden in een voedermiddel op de aangeduide wijze naar de verteerbare voedingsstoffen, zou men dus dit bedrag van den koopprijs kunnen aftrekken, of met een ander voedermiddel vergelijkende, daarbij kunnen voegen. Zoo zou van lijnkoek, die de 100 KG. ƒ 9.50 kost, aan

l) Zie daarvoor Reinders , Handboek, Ie Deel.

Sluiten