Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ontstaat en te Göttingen werd gevonden, dat bij het mesten van éénjarige hamels in het geheel geen vleesch gevormd werd.

Voor de vetvorming in het lichaam geldt trouwens ongeveer hetzelfde als voor de vleesch vorming. Wanneer dit in het lichaam zal worden opgehoopt moet het of moeten de stoffen , waaruit het kan ontstaan, tegen ontleding worden beschermd, dat is niet verbranden.

Liebig meende dat het lichaamsvet hoofdzakelijk uit koolhydraten ontstaat, op grond dat mestvee in den regel veel koolhydraten in zijn voeder ontvangt. Pettenkofek en Voit daarentegen kwamen op grond van genomen proeven tot het resultaat, dat het lichaamsvet behalve uit het vet ook uit het eiwit van het voedsel ontstaat en dat de koolhydraten dienden om het uit eiwit enz. gevormde vet tegen verbranding te beschutten. Rubner en anderen hebben echter aangetoond, dat in vele gevallen het vet uit de koolhydraten gevormd wordt, aangezien bij weinig eiwit en vet en veel koolhydraten in het voedsel, de hoeveelheid vet die zich dan vormde onmogelijk alleen uit de eerste twee voedingsstoffen kan zijn ontstaan; zoodat het lichaamsvet gevormd kan worden: 10. uit het vet in het voeder aanwezig dat dan bij de resorptie, dat is bij den overgang in 't bloed, ontleed wordt in vetzuren en glycerine, maar waaruit in het lichaam weder vet ontstaat; 20. uit eiwit, hetzij door directe afsplitsing, hetzij dat hieruit eerst glycogeen en daaruit vet ontstaat; 30. uit koolhydraten, b.v. suiker. Maar hoe dan ook ontstaan, het vet moet tegen oxydatie in het lichaam beschut worden en daartoe kunnen dan öf indirect de eiwitstoffen èf een overmaat van stikstofvrije stoffen dienen, waardoor dan ook het uit eiwit gevormde vet tegen verbranding wordt beschermd, terwijl dit wel verbrandt wanneer niet genoeg koolhydraten gegeven worden. Daarom kan in het tijdperk van het eigenlijke mesten de voedingsverhouding eenigszins ruim genomen worden. Verder volgt uit een en ander, dat het gewenscht is voor het mesten van vee, dat de oxydatie in het lichaam zoo gering mogelijk zij en deze door het plaatsen van de dieren in warme stallen en door rust zooveel mogelijk worde tegengegaan.

Sluiten