Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IX

LASTER.

Van alle ondeugden is de laster de venijnigste. Want hij doet zijn boosaardig werk in het verborgen. Hij draagt geen naam en hij heeft geene gestalte. Hij schuwt het licht en de duisternis omvat hem als een mantel. Hij is een vijand, duizendmaal te vreezen, omdat hij u nimmer te gemoet treedt midden op den weg, maar van terzijde, uit het struikgewas, zijne vergiftige pijlen schiet. Wat weet het slachtoffer van welke zijde het booze gerucht komt! Men heeft het gezegd. Iemand heeft het verteld. Maar gij vindt hem nooit, hij is een schaduw, gij grijpt tevergeefs. Het sehennig praatje wordt geboren in het verborgen, groeit aan in het duister, waart rond onder de menschen, maar het draagt die tooverkap, waarvan de ouden verhaalden, dat zij een mensch onzichtbaar maakte. Misschien wandelt de laster tusschen uwe beide kennissen in, die daar vóór

Sluiten