Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de barmhartigheid en het geloof. Het is deze spot, uiting van het heilige, dat zich gekwetst voelt, dien ik hoor in de geuzenliederen onzer vaderen , die met ongeëvenaarde, bijtende fe'heid, zoo vreemd aan onzen neutralen tijd, met een niets ontzienden, wreeden wellust de Roomsche beelden en mis en aflaat en Alva's bloeddorst te gader hekelden. Wat eene wereld van verbittering , van lang verkropte woede klinkt er uit dat spotlied:

„liet volk en wil niet meer aanbeden

Melis in de halve maan "

de scherts van jarenlang gefolterde, in hun heiligst geloof gewonde menschen, wier verbitterde ergernis eindelijk uitbarst in lichter laaie.

Dit is de scherts van „de Bijencorf der Heylige Roomsche Kerke," „de scherts van een haai. Zij laat twee rijen scherpgepunte tanden zien en doet u geen oogenblik vergeten, dat haar binnenste een kelder is, waar de haat op fust ligt." De uitdrukking is van Busken Huet en schilderachtig juist. Ik begeer niet, dat iemand Marnix' spot schoon of geestig zal vinden. Maar het is te hopen, dat wij nimmer zullen miskennen uit welke heilige ontrustheid hij voortkwam , toorn over wat voor een geus, een protestant dier dagen schennis des geloofs en verkrachting der vrijheid was. En wij kunnen wel verzekerd zijn, dat het de innigste droefheid over leugen en onrecht is geweest, die onze edelste satyrici heeft voortgebracht.

Sluiten