Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over ons, o zon, voor de laatste maal in dit jaar en haast u om weer te verrijzen, opdat wij weer arbeiden kunnen, de lendenen omgord.

Hierin is veel sterkte en moed. Misschien is het jonger, frisscher, gezonder dan dat andere. Maar er laat zich moeilijk over redeneeren. Het is eene vraag van temperament en gevoel. En wat zullen wij, als het oude ons niet loslaten wil ? Als ons hart hangt juist aan zooveel wat wegging ? En als wij soms zoo terugbeven voor den gang, dien de dingen zouden kunnen nemen, voor komende , nieuwe toestanden, die veel goeds zullen brengen misschien, maar ook nadeelig kunnen zijn, voor wat wij willen bestendigen en die, in elk geval, een beroep zullen doen op al onze krachten en ons wellicht zeer pover en gering van sterkte zullen vinden? Herinnering vlucht ook niet op bevel, en ik voor mij, als zij aanklopt op den oudejaarsavond, ik wil haar binnenlaten, al vrees ik haar. Laat zij haar werk aan mij doen. Nu noem ik stil voor mij heen dierbare namen met een groot, groot verlangen. Nu denk ik met eerbiedigheid aan die mij boven alles lief waren en tegen wie ik hoog opzag en wier gelijkenis ik sinds niet vond. Te inniger breng ik hun mijne vrome offerande van eene dankbaarheid, die met de jaren sterker werd en van een liefde, die door den honger groeide, naarmate het leven sneller heengaat over alles en dooden zeldzamer worden genoemd. Dit alles is bitter en zwaar om te dragen, hetzij het de dooden geldt uit eigen kring, heengegaan in

Sluiten