Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moeten vanwege de C. J. V. maatregelen genomen worden, dat de recruut bij zijn aankomsl in het garnizoen iemand vindt, die hem de vriendenhand toesteekt. Door de C. J. V. moet dan aan het betreffende Tehuis de naam worden opgegeven, zoodat men hem, indien hij niet komen mocht, kan opzoeken.

Gij moet u goed de positie van den jongen recruut voorstellen. Voor hem beteekent het de groote overgang. Heel vaak gebeurt het, dat leden van C. J. V. in dienst als zoodanig maar liever niet willen bekend. worden. Van af den eersten dag moet hij positie innemen en de C. J. V. moet voor hem bidden. Er moet kracht van Boven zijn. In Duitschland heeft men de goede gewoonte, dat de jonge recruten den eed op het Vaandel moeten afleggen, de z.g.n. »Fahneneid«, zij gaan dan eerst gezamenlijk naar de Garnizoenskerk, leggen een hand op het Vaandel en de andere gaat omhoog. Dit maakt altijd een diepen indruk en zeer zeker is het wel daardoor, dat in den Fransch-Duitschen oorlog niet één vaandel veroverd werd door de Franschen ; ja, wel is er een gevonden, maar bedolven onder een aantal lijken.

Blijft gij trouw aan uw Krursvaandel ! Toen ik in 1870 naar het hooge Noorden van ons Vaderland ging, heb ik gevoeld de kracht van het gebed, door anderen voor ons opgezonden. Dankbaar mogen wij erkennen, dat de bevolking ons daar zeer genegen was door het gedrag der soldaten en wij hebben er ook nog tot zegen mogen zijn.

Er kan dus contact zijn tusschen beide Bonden en er is reeds toenadering, maar bewandelt den officieelen weg.

Wat o.a. de tweede vraag uws Voorzitters betreft: wij dienen geen enkele kerk, wij dienen alleen Jezus Christus en alle jongelingen zijn hartelijk welkom.

Dat wij bij de benoeming van huisvaders aan personen der Geref. kerk de voorkeur zouden geven, is niet waar. In Millingen achtte de Geref. pred. zelfs een Herv. persoon gewenscht, men moet echter in dit geval ook met de omstandigheden en capaciteiten van den sollicitant rekenen.

Mijn hartelijke wensch is, zoo besluit spreker, dat er spoedig nadere verbinding kome en dat, evenals Michael, de Schutsengel van Zwolle, den draak doorstak, wij gezamenlijk den draak, dien wij te bevechten hebben, de zonde, zullen kunnen doorsteken. (Applaus).

Mr. Dr. S c h o c h, die den voorzittershamer intusschen had over' genomen, is het een genoegen en groote eer, wat hem nog nooit is tebeurtgevallen, Ds. v. Noort en vooral zijn vader te danken voor de keurige inleiding en toelichting. Hij hecht ontzaglijk veel aan het gebed en zoo straks zei spr. het nog tot den Voorzitter: Wij bidden te weinig. Jammer genoeg konden geen vragen gesteld worden ter wille van den tijd, doch wie wilde, kon Gen. Schoch persoonlijk zijn vragen blootleggen.

In de Pauze die nu volgde, gebruikten wij het een en ander

Sluiten