Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij hem en zijne kranke gade nabij zij, trooste en omgorde met kracht.

En nu «scheiden doet wee«, en waar men het goed had, komt men gaarne terug. Men zegt, dat wie naar Zwolle wil gaan, »over de brug« moet komen ; wij hebben er niet veel van bemerkt. Dank, burgers van Zwolle ! voor uwe gastvrijheid, gij waart bereid de Bondsbroeders te logeeren, ofschoon gij toch ook niet wist, of gij wel engelen herbergen zoudt ! Aangenaam zal het ons zijn ten v ij f d e n male later den Bondsdag te Zwolle te houden, als wanneer het Reventer — de eetzaal der gasten — zal zijn gerestaureerd en het nieuwe Stadhuis moge prijken met een forschen kloeken toren er op ! Ik ben zoo vrij den Zwollenaren toe te roepen : »tot weerziens«. De Gids voor de Bondsdagen heeft dat uitzicht óns ontsloten, en wij hopen, Zwolle gezien te hebben, niet voor het laatst.

Een woord van dank aan Kerkeraad en Kerkvoogdij, aan Organist en Koster en aan de broeders, die voor ons wilden collecteeren. Dank aan het Chr. Zwolsche Mannenkoor, dat er de liefde voor ons Verbond wel had ingezongen, als zij er niet reeds was ingeplant. Dank aan de beide sprekers niet het minst. Dank br. De Haan. Werk hier nog lang tot heil van het opkomend geslacht, ook op het gebied van het Chr. onderwijs. Wat prachtige Kweekschool! Gemeente, houd hem in waarde, maar verafgood hem nooit. En zegene God verder, waarde broeder ! uw arbeid ook onder de jongelingschap ! Ook u, br. De Moor, mijn dank. Dank, oud-Bondsbestuurder voor het bewijs dat gij ons niet vergeet en «verschil van kerk noch vreê noch eenheid rooft.« Gij hebt reeds door uwe tegenwoordigheid br. De Moor den dag aan het »Swarte Water« gemaakt tot een »Witten« dag ! Zegene God u verder in de Hofstad in uw zoo gezegend werk !

Dank, gemeente ! ook voor uwe opkomst, uwe warme belangstelling, uwe sympathie ; we hopen deze nooit te vergeten.

En nu ten slotte een woord tot u, Bondsbroeders! Wij gaan heen, maar hoe ? Een vorigen Bondsdag wekte ik u op tot blijdschap en ik wilde dit wel weer doen, want het leven van .den christen is één feest. Maar ik zal dit thans niet doen, doch u liever herinneren aan de prediking vap deze plaats. We zijn hier in de St. Michaëls kerk bijeen en denken aan Michaël, die den lans stoot in den opgesperden muil van den draak. Dat brengt mij op eene gedachte. Kent gij Schiller's : »De kamp met den draak ?« (Spreker schetst den inhoud en zegt dan :) .

Ja, de zelfoverwinning is de zwaarste, maar ook de schoonste, de glorierijkste en deze wensch ik u toe. »Als iemand duizendmaal duizend vijanden in een slag overwonnen heeft en als iemand zich zeiven overwonnen heeft,« zegt Buddha, »dan is de laatste de grootste overwinnaar.« Bondsbroeders ! wij hebben vandaag ook over de militairen gesproken. Soldaten van het Kruis, zijt gehoorzaam aan uw Koning en Heer ! Slaat, nu Hij tusschen de gelederen doorschrijdt en vóór u' treedt, de hand aan 't gevest, brengt Hem hét saluut der eere en legt de heiligste belofte af, die ooit van men-

Sluiten